En toen liet ik het los
‘Geen idee, doe jij maar,’ antwoordde ik toen je me vroeg om naar de architectenplannen te kijken. Misschien had ik wel iets kunnen toevoegen, maar meestal zei ik: ‘Ik denk dat jij daar beter zicht op hebt.’ Achteraf besefte ik vaak dat ik mijn eigen inbreng onderschatte, en natuurlijk had ik geen recht om iets te zeggen als er iets misging dat ik had kunnen voorkomen door mee te denken.
Als ik hier nu op terugkijk, bekruipt een groot schuldgevoel me.
Als ik hier nu op terugkijk, bekruipt een groot schuldgevoel me. Er gingen dingen mis doordat ik niet volledig deelnam. Ik liet beslissingen aan anderen over, ook al had ik een mening. Maar ik kon die slecht overbrengen en gaf het snel op.
Dit was niet de eerste keer dat ik geen verantwoordelijkheid nam zoals ik had moeten doen. Lange tijd dacht ik dat het kwam omdat ik niet zo mondig was, of omdat men me toch niet zou begrijpen. Ik geloofde echt dat ik niet goed was in dat soort gesprekken, maar dat klopte niet.
Als je merkt dat je niet voor jezelf opkomt of vaak de ander laat beslissen, dan draag je allicht een oud patroon met je mee. Voor mij werd dat patroon pijnlijk zichtbaar toen ik mijn hoogbegaafdheid ontdekte. Het voelde als een laffe keuze, een manier om verantwoordelijkheid te ontlopen. Elke keer dat ik iets liet liggen, groeide het gevoel van onmacht.
Het duurde lang voor ik begreep waar dit vandaan kwam. Het bouwde zich langzaam op, vanaf mijn jeugd toen ik mijn weg zocht in de maatschappij. Ik had het geloof in mijn eigen kracht, maar toch liep het mis. Mensen begrepen me niet, vonden mijn vragen vreemd, of merkten me nauwelijks op. Dat is hard als jonge man, op zoek naar je plek in de wereld. Er waren veel misverstanden, conflicten, en vooral stilte. Het daagde me dat het een onmogelijke strijd was, en stap voor stap liet ik het los. Het leek steeds onwaarschijnlijker dat ik ergens echt zou passen, omringd door mensen die me niet leken te begrijpen.
Na de zoveelste miscommunicatie dacht ik: ‘Ach, laat maar.’
Na de zoveelste miscommunicatie dacht ik: ‘Ach, laat maar.’ Dat was het begin. Wat anderen belangrijk vonden, voelde niet als mijn wereld.
Het probleem is dat je jezelf zo een houding van hulpeloosheid aanmeet. Door beslissingen uit de weg te gaan, draag je de gevolgen van niet-genomen keuzes. Dit patroon sijpelt door in je werk, je omgeving, je voeding, je zelfzorg. Het legt een bijna gevoelloze sluier over je leven.
Het kost tijd om zulke gewoontes af te leren. Want hoewel je als hoogbegaafde vaak met verwondering naar de wereld kijkt, kun je zeker wel je eigen plek vinden. Die zelfbescherming heeft je ooit gediend, maar nu werkt het in je nadeel. Je hiervan bewust worden is de eerste stap. Toen was toen, nu is nu. Zo eenvoudig als het klinkt, zo lastig is het evenwel om het patroon te doorbreken. Zelfkennis helpt je om het te begrijpen, maar het is de mildheid voor jezelf die je echt vooruithelpt.
Die zelfbescherming heeft je ooit gediend, maar nu werkt het in je nadeel.
Een vriend zei me: ‘Jij kan eigenlijk alles aan.’ En dat is precies het tegenovergestelde van wat ik altijd dacht.
Het is tijd om die nieuwe houding volledig te omarmen—een houding die vooruitkijkt, met mijzelf stevig aan het roer.